Zoals vrijwel iedereen ben ik niet goed in omgaan met de dood, vooral omdat het buiten het leven valt, maar zo nu en dan komt het akelig dichtbij als het over nabije familie gaat. Naast verdriet zijn er gelukkig ook een heleboel mooie herinneringen en een hoop om dankbaar voor te zijn.

Mijn vroegste herinneringen aan opa Rolde gaan terug naar de tuin aan de Gieterstraat. Rode bessen die best wel zuur waren, een aspergebed met heel veel roestige blikjes die de asperges voor de zon verborgen hielden, de grote boom met een houten schommel, altijd zag je waar het eten vandaan kwam, want in mijn herinnering kwam het eten altijd in overvloede uit de tuin.

Er was ook een winter waar de bomen voor het huis bedekt waren met een centimeter ijzel, wat heel mooi was, maar waar ik (terecht) absoluut niet onderdoor mocht lopen. De winter was sowieso een fantastisch seizoen. Niemand kon immers zo goed schaatsen als Opa (en zeker ik niet, heb ik later geleerd…) en als opa zelf niet schaatste, dan was er altijd nog schaatsen op tv, waar opa zelf net zo hard mee schaatste met zijn bovenlichaam, heen en weer, heen en weer, heen en weer.

Tot aan het eind was opa ook het beste in klaverjassen en meestal won hij wel, en dat is natuurlijk wel logisch, want hij schreef, en zoals hij schreef, schreef geen ander. Als je aan de beurt was (maar alleen tijdens het kaarten) werd je steevast “hoe heeeet je ook alweer” genoemd, en je moest wel opschieten, want kaarten doe je niet met een praatje.

Als je rondkijkt in de familie zie je dat er over het algemeen flink gestudeerd is en dat iedereen altijd bereid is om te werken en een paar armen uit de mouwen te steken. Dat hebben we niet van een vreemde, want opa was precies zo en heeft dat netjes overgedragen. Ook was hij altijd geinteresseerd of het wel goed met je ging en wat voor cijfers je haalde (een pijnlijk onderwerp voor sommigen).

Het meest waardevolle is nog wel dat zelfs op een droevige dag als afgelopen zaterdag, het eigenlijk heel gezellig was omdat de hele familie bijeen was. We komen niet zo heel vaak bijeen, vooral omdat we met zoveel zijn, maar het van Bree zijn is en blijft een anker dat ons verbindt, en in geest was opa daarom altijd wel aanwezig bij het grote van Bree mannenweekend, zelfs al kon hij daar fysiek niet bij zijn. De geest van opa leeft in ons allemaal voort, en dat is iets wat ik zal koesteren en waar ik trots op zal zijn.

Advertisements